Eigenwoningforfait berekenen: percentage, tabel en rekenvoorbeelden 2026

Elk jaar telt de Belastingdienst een fictief bedrag bij uw inkomen op omdat u een koopwoning bezit. Dat bedrag heet het eigenwoningforfait, en het is uitsluitend van toepassing op uw hoofdverblijf. Hoe hoog dat bedrag uitvalt, hangt vrijwel volledig af van uw WOZ-waarde — en van één vraag: heeft u nog een hypotheek, of niet?

Snel antwoord: Het eigenwoningforfait 2026 bedraagt 0,35% van uw WOZ-waarde (voor woningen tussen €75.000 en €1.350.000). Heeft u een hypotheek, dan trekt u de hypotheekrente af van dit forfait. Betaalt u geen of weinig rente? Dan kan de Wet Hillen-aftrek van toepassing zijn — maar die wordt in 2026 slechts vergoed voor 71,867%.

Wat is het eigenwoningforfait precies?

De gedachte achter het eigenwoningforfait stamt uit de tijd dat wonen werd gezien als een vorm van inkomen in natura. U woont in een woning die u ook had kunnen verhuren; de overheid rekent u dat voordeel aan als belastbaar inkomen in box 1. Het percentage dat jaarlijks wordt vastgesteld, weerspiegelt dit fictieve huurvoordeel.

Concreet: als uw woning een WOZ-waarde heeft van €350.000, telt de Belastingdienst €1.225 bij uw belastbaar inkomen op. Over dat bedrag betaalt u vervolgens inkomstenbelasting tegen het voor u geldende tarief in box 1. Voor iemand in de eerste schijf (37,48% in 2026) betekent dat een extra belastingrekening van circa €459 per jaar.

De WOZ-waarde die u gebruikt voor de aangifte 2026, is de waarde met peildatum 1 januari 2025 — de waarde die u begin 2026 van uw gemeente ontving.

Eigenwoningforfait 2026: officiële percentagetabel

Onderstaande tabel is gebaseerd op de officiële tarieven van de Belastingdienst voor belastingjaar 2026:

WOZ-waarde (meer dan) WOZ-waarde (niet meer dan) Percentage
— € 12.500 0%
€ 12.500 € 25.000 0,10%
€ 25.000 € 50.000 0,20%
€ 50.000 € 75.000 0,25%
€ 75.000 € 1.350.000 0,35% ← de meeste woningen
€ 1.350.000 — € 4.725 + 2,35% over het meerdere

Bron: Belastingdienst.nl — Eigenwoningforfait, geraadpleegd juli 2026.

Verreweg de meeste Nederlandse huiseigenaren vallen in de schijf van 0,35%. De bovenste schijf — met het forse tarief van 2,35% — is uitsluitend bedoeld als maatregel voor eigenaren van woningen boven de miljoen, en raakt slechts een kleine minderheid.

Eigenwoningforfait berekenen in drie stappen

De berekening is simpeler dan veel mensen denken. Drie stappen zijn voldoende:

Stap 1 — Stel uw WOZ-waarde vast. Kijk op de WOZ-beschikking die u begin 2026 van uw gemeente ontving. Die beschikking vermeldt de waarde per peildatum 1 januari 2025.

Stap 2 — Bepaal uw percentage. Gebruik de tabel hierboven. De meeste woningen vallen in de schijf van 0,35%.

Stap 3 — Reken uit. Vermenigvuldig de WOZ-waarde met het percentage. Het resultaat is uw eigenwoningforfait — het bedrag dat bij uw belastbaar inkomen in box 1 wordt opgeteld.

Rekenvoorbeeld 1: doorsnee rijtjeshuis

WOZ-waarde: €320.000. Eigenwoningforfait: €320.000 × 0,35% = €1.120. Bij een belastingtarief van 37,48% in box 1 betekent dit €420 extra belasting per jaar — ofwel €35 per maand.

Rekenvoorbeeld 2: vrijstaande woning boven de grens

WOZ-waarde: €1.600.000. Berekening: het eigenwoningforfait over de eerste €1.350.000 bedraagt €4.725. Over de resterende €250.000 geldt 2,35%, dat is €5.875. Totaal eigenwoningforfait: €10.600. Een heel ander verhaal.

Rekenvoorbeeld 3: deel van het jaar

Heeft u uw woning op 1 april 2026 gekocht? Dan telt het eigenwoningforfait alleen over de resterende maanden. Voor 9 maanden (april t/m december) geldt: 9/12 × het jaarlijkse forfait. De Belastingdienst rekent in dit geval met het werkelijke aantal dagen dat u eigenaar was.

Eigenwoningforfait versus hypotheekrenteaftrek

Het eigenwoningforfait staat nooit op zichzelf. In de belastingaangifte wordt het altijd afgezet tegen uw aftrekbare kosten voor de eigen woning — en de belangrijkste aftrekpost daarin is de hypotheekrenteaftrek.

Zolang uw hypotheekrente hoger is dan uw eigenwoningforfait — wat bij de meeste huiseigenaren met een lopende hypotheek het geval is — levert de eigen woning per saldo een negatief inkomen op in box 1. Dat drukt uw belastbaar inkomen. Meer hierover leest u in ons artikel over het fiscaal voordeel van de eigen woning.

Maar wat als het eigenwoningforfait hoger is dan uw aftrekbare kosten? Dat gebeurt als u weinig of geen hypotheekrente meer betaalt — en dan komt de Wet Hillen in beeld.

Wet Hillen: aftrek voor mensen met een (bijna) afgeloste hypotheek

De Wet Hillen was ooit een volledige compensatie: als uw eigenwoningforfait hoger was dan uw hypotheekrenteaftrek, mocht u het verschil volledig in mindering brengen. Dat voorkomt de — voor velen onbegrijpelijke — situatie dat je belasting betaalt over een fictief inkomen terwijl je nauwelijks rente meer betaalt.

Sinds 2019 wordt deze regeling echter stap voor stap afgebouwd. En vanaf 2026 gaat de afbouw sneller: in plaats van 3,33 procentpunt per jaar zijn de stappen nu 4,8 procentpunt per jaar.

In 2026 resteert nog 71,867% van de oorspronkelijke aftrek. Ter vergelijking: in 2025 was dat nog 76,67%. Wie in 2026 een eigenwoningforfait heeft van €2.000 en geen hypotheekrenteaftrek meer, kan het volledige bedrag als overschot beschouwen. Van dat overschot is 71,867% aftrekbaar — de resterende 28,133% telt gewoon mee als belastbaar inkomen.

De volledige afbouw is voorzien tegen 1 januari 2041. Daarna geldt de Wet Hillen niet meer en betaalt iedere huiseigenaar volledig over zijn eigenwoningforfait, ongeacht de hoogte van zijn hypotheek.

Bent u benieuwd hoeveel hypotheekrente u nog kunt aftrekken en hoe dat samenhangt met uw forfait? Bekijk dan ons overzicht van de overspaarde hypotheekrente of bereken uw maximale hypotheek om uw totale fiscale plaatje scherp te krijgen.

Wanneer geldt het eigenwoningforfait niet?

Niet elke woning die u bezit valt onder het eigenwoningforfait. De regeling is uitsluitend van toepassing op uw hoofdverblijf — de woning waar u daadwerkelijk woont en staat ingeschreven. Een tweede woning of vakantiehuisje valt in box 3, niet in box 1, en kent daardoor een geheel andere fiscale behandeling.

Ook situaties als tijdelijke uitzending of verhuizing hebben hun eigen regels. Bij een verhuizing geldt een overgangsregime: de te koop staande vorige woning blijft tijdelijk als eigen woning aangemerkt, zodat de hypotheekrente aftrekbaar blijft. De Belastingdienst hanteert hiervoor een termijn van drie jaar.

Voor woningen met een WOZ-waarde onder €12.500 is het eigenwoningforfait nul — een situatie die in de praktijk vrijwel uitsluitend voorkomt bij kleine erfpachtwoningen of in uitzonderlijke omstandigheden.

Eigenwoningforfait en de aangifte inkomstenbelasting

In uw aangifte inkomstenbelasting 2026 vult u het eigenwoningforfait in bij de rubriek 'Eigen woning'. De Belastingdienst vult dit in sommige gevallen al automatisch in op basis van de WOZ-gegevens van uw gemeente, maar het is altijd verstandig dit te controleren — zeker als u in de loop van 2026 bent verhuisd of uw woning gedeeltelijk zakelijk gebruikt.

De netto fiscale uitkomst van uw eigen woning — eigenwoningforfait minus aftrekbare kosten — bepaalt of uw woning per saldo een positief of negatief inkomen oplevert in box 1. Wilt u het complete plaatje van alle aftrekposten en bijtelling inzien? Lees dan ons piloorartikel over het fiscaal voordeel van de eigen woning.

Lees ook: Fiscaal voordeel eigen woning: alle aftrekposten en bijtelling op een rij

Veelgestelde Vragen

Wat is het eigenwoningforfait percentage in 2026?
Voor de meeste woningen bedraagt het eigenwoningforfait in 2026 0,35% van de WOZ-waarde, voor woningen met een WOZ-waarde tussen €75.000 en €1.350.000. Voor woningen boven €1.350.000 geldt €4.725 plus 2,35% over het meerdere. Bron: Belastingdienst.nl.
Hoe bereken ik mijn eigenwoningforfait 2026?
Vermenigvuldig uw WOZ-waarde (peildatum 1 januari 2025) met 0,35%. Voorbeeld: WOZ €320.000 → eigenwoningforfait €1.120. Dit bedrag wordt bij uw belastbaar inkomen in box 1 opgeteld. Heeft u hypotheekrenteaftrek, dan wordt die hier direct tegenover gesteld.
Welke WOZ-waarde gebruik ik voor de aangifte 2026?
Voor belastingjaar 2026 gebruikt u de WOZ-waarde met peildatum 1 januari 2025. Die staat op de WOZ-beschikking die u begin 2026 van uw gemeente heeft ontvangen. Bent u het niet eens met de WOZ-waarde, dan kunt u bezwaar maken bij uw gemeente.
Wat is de Wet Hillen en hoeveel aftrek geeft die in 2026?
De Wet Hillen geeft aftrek als uw eigenwoningforfait hoger is dan uw hypotheekrenteaftrek. In 2026 bedraagt de aftrek nog 71,867% van het verschil (in 2025 was dat 76,67%). De regeling wordt jaarlijks afgebouwd en vervalt volledig per 1 januari 2041. Bron: Belastingdienst.nl.
Moet ik eigenwoningforfait betalen als mijn hypotheek is afgelost?
Ja. Het eigenwoningforfait geldt voor iedere eigenaar-bewoner, ongeacht of er nog een hypotheek op de woning rust. Heeft u geen of weinig hypotheekrente meer, dan kan de Wet Hillen-aftrek (2026: 71,867%) een deel compenseren — maar niet meer het volledige bedrag.
Geldt het eigenwoningforfait ook voor een tweede woning of vakantiehuisje?
Nee. Het eigenwoningforfait in box 1 geldt uitsluitend voor uw hoofdverblijf. Een tweede woning, vakantiehuisje of verhuurde woning valt in box 3, waar andere regels en tarieven gelden. Alleen de woning waarin u daadwerkelijk woont en staat ingeschreven telt als eigen woning.
Wat gebeurt er als mijn eigenwoningforfait hoger is dan mijn hypotheekrenteaftrek?
Dan heeft uw woning per saldo een positief inkomen in box 1. U betaalt belasting over het verschil, tenzij u in aanmerking komt voor de Wet Hillen-aftrek. Die aftrek wordt de komende jaren verder afgebouwd, waardoor dit voor meer mensen een merkbaar effect gaat hebben.
Hoe zit het met het eigenwoningforfait als ik midden in het jaar ben verhuisd?
Het eigenwoningforfait wordt berekend naar rato van het aantal dagen dat u eigenaar-bewoner was. Bent u op 1 april 2026 ingetrokken, dan telt het forfait voor 9/12 van het jaar. De te koop staande vorige woning blijft tijdelijk als eigen woning aangemerkt (maximaal 3 jaar).

Handige online rekenmachines