Margeregeling btw: voorwaarden, berekening en werkblad voor wederverkopers

Een tweedehands fietsenhandelaar koopt van een particulier een gebruikte stadsfiets voor 150 euro, zet hem in de opknapwerkplaats en verkoopt hem drie weken later voor 225 euro. Moet hij nu 21% btw afdragen over die volle 225 euro? Dat zou ruim de helft van zijn marge opeten. Gelukkig niet — daarvoor bestaat de margeregeling.

Kort antwoord: bij de margeregeling berekent u geen btw over de verkoopprijs, maar alleen over uw winstmarge: verkoopprijs min inkoopprijs. De formule is btw = winstmarge × 21/121. De regeling geldt voor wederverkopers van gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, verzamelvoorwerpen of antiek die zonder btw zijn ingekocht, bijvoorbeeld bij een particulier (belastingdienst.nl).

Wat is de margeregeling precies?

Zonder margeregeling zou u bij doorverkoop opnieuw btw over de volledige verkoopprijs betalen — ook al is er over de inkoopwaarde ooit al btw afgedragen, of juist helemaal geen btw omdat u van een particulier kocht. Dat zou tot cumulatie leiden. Daarom mag een wederverkoper van gebruikte goederen de btw berekenen over alleen het verschil tussen verkoop- en inkoopprijs: de winstmarge. Verkoopt u met winst, dan betaalt u btw over die winst; verkoopt u met verlies, dan betaalt u niets, maar krijgt u ook niets terug.

De term "wederverkoper" komt letterlijk uit artikel 28b van de Wet op de omzetbelasting 1968: een ondernemer die geheel of gedeeltelijk handelt in gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten (wetten.overheid.nl). Alles wat u van een particulier koopt, geldt voor de margeregeling automatisch als gebruikt, ook als het nooit is gebruikt. Wie eerst de gewone btw-mechaniek wil doornemen voordat hij in deze uitzondering duikt, leest dat in onze handleiding btw berekenen.

Mag ik de margeregeling toepassen? De checklist

Voordat u de margeregeling toepast, loopt u eigenlijk altijd dezelfde reeks vragen af. Op belastingdienst.nl staan ze verspreid over een paar pagina's, hier zet ik ze voor u achter elkaar.

  1. Bent u wederverkoper van dit soort goederen? De handel moet tot uw normale bedrijfsactiviteiten horen. Verkoopt u als computerhandelaar incidenteel uw eigen gebruikte auto, dan is dat geen margegoed en rekent u gewoon btw over de volledige verkoopprijs.
  2. Gaat het om een margegoed? Dat zijn gebruikte goederen, kunstvoorwerpen, voorwerpen voor verzamelingen of antiek.
  3. Bij wie heeft u ingekocht? Dat moet een particulier zijn, een ondernemer die het goed uitsluitend voor vrijgestelde prestaties gebruikte, een KOR-ondernemer die het goed als bedrijfsmiddel had, of een andere wederverkoper die zelf ook de margeregeling toepaste.
  4. Heeft u bij de inkoop geen btw kunnen aftrekken? Is er bij de aankoop wél btw aan u berekend die u verrekende, dan vervalt de margeregeling voor dat goed. Twijfelt u over een eerdere aftrek bij gemengd gebruik, check dan onze uitleg over btw-aftrek bij gemengd gebruik.
  5. Is het geen nieuw of bijna nieuw vervoermiddel naar een ander EU-land? Voor die leveringen is de margeregeling uitgesloten.
  6. Is het geen onbewerkt edelmetaal of onbewerkte edelsteen? Daarvoor geldt de margeregeling nooit.
  7. Koopt u voor € 500 of meer in bij één leverancier? Dan moet u een inkoopverklaring laten opstellen door de verkoper, met naam, adres en omschrijving van het goed.
  8. Bent u bereid om geen btw apart op de factuur te zetten? In plaats daarvan komt er een vaste wettelijke tekst te staan — daarover later meer.

Voldoet u aan al deze punten, dan mag u de margeregeling toepassen — verplicht is het niet. Verkoopt u aan een ondernemer met volledig aftrekrecht, dan kan hij liever gewoon btw over de volledige prijs zien, omdat hij die dan kan aftrekken. Zelf kiezen, mag.

Gebruikt u zelf de kleineondernemersregeling? Let dan op: voor de omzetgrens van de KOR telt niet uw winstmarge, maar het volledige bedrag waarvoor u het goed verkocht. Hoe die twee regelingen zich tot elkaar verhouden, leest u in onze gids over de kleineondernemersregeling.

Individuele methode of globalisatiemethode: het werkblad

Zodra de margeregeling van toepassing is, moet u nog kiezen — of de wet kiest voor u — hoe u de winstmarge berekent. Bij de individuele methode berekent u de marge per afzonderlijk artikel. Verkoopt u met verlies, dan is er voor dat artikel geen btw verschuldigd, maar dat verlies mag u niet wegstrepen tegen de winst op een ander artikel. Bij de globalisatiemethode telt u alle inkopen en verkopen van een heel aangiftetijdvak bij elkaar op en berekent u btw over de totale winstmarge. Het grote voordeel: een negatieve marge in het ene tijdvak mag u verrekenen met een positieve marge in een volgend tijdvak van hetzelfde jaar, en aan het einde van het jaar maakt u nog een jaarsaldering. Blijft er dan nog een negatieve marge over, dan schuift die door naar het volgende kalenderjaar. Let op: een negatieve marge van het 21%-tarief mag u nooit verrekenen met een positieve marge van het 9%-tarief, en omgekeerd (belastingdienst.nl).

Om te laten zien hoeveel verschil dat verrekenen maakt, nemen we Meubelhuis Linden, een vintage-meubelzaak die tweedehands kasten en stoelen opknapt en doorverkoopt. Voor meubels — net als voor vervoermiddelen, kleding, boeken en kunst — schrijft de Belastingdienst de globalisatiemethode dwingend voor; de individuele methode is hier dus geen vrije keuze. Om te illustreren hoeveel dat verplichte verrekenen waard is, zetten we in de laatste kolom ter vergelijking neer wat de zaak zonder verrekening verschuldigd zou zijn geweest op diezelfde cijfers.

KwartaalInkoopVerkoopWinstmargeVerrekening vorig tijdvakMarge na verrekeningBtw verschuldigd (globalisatie)Btw zonder verrekening (vergelijking)
Q1€ 5.000,00€ 6.200,00€ 1.200,00€ 0,00€ 1.200,00€ 208,26€ 208,26
Q2€ 4.000,00€ 3.100,00-€ 900,00€ 0,00-€ 900,00€ 0,00 (doorschuiven)€ 0,00
Q3€ 3.000,00€ 5.000,00€ 2.000,00-€ 900,00€ 1.100,00€ 190,91€ 347,11
Q4€ 6.000,00€ 6.500,00€ 500,00€ 0,00€ 500,00€ 86,78€ 86,78
Totaal jaar€ 18.000,00€ 20.800,00€ 2.800,00——€ 485,95€ 642,15

In het tweede kwartaal verkoopt Meubelhuis Linden met verlies: een partij kasten die slechter liep dan gedacht. Bij de globalisatiemethode schuift die negatieve marge van € 900 door naar het derde kwartaal, waar hij wordt afgetrokken van de winstmarge van € 2.000. Daardoor betaalt de zaak over het hele jaar € 485,95 aan btw in plaats van € 642,15 — een verschil van € 156,20, puur door de verrekening die de individuele methode niet toestaat. Was er aan het einde van het jaar nog een negatieve marge blijven staan, dan was die niet vervallen: die telt dan mee in het volgende kalenderjaar tegen een positieve marge.

Voor welke goederen moet u globaliseren?

Dat de meubelzaak hierboven geen keuze had, is geen toeval. De Belastingdienst schrijft de globalisatiemethode verplicht voor bij: vervoermiddelen (auto's, motoren, fietsen, bromfietsen, caravans), kleding, meubelen, boeken en tijdschriften, foto-, film- en videoapparatuur, beeld- en geluiddragers (video- en muziekcassettes, dvd's, cd's, lp's), muziekinstrumenten, huishoudelijke apparaten, elektrische apparaten, elektronische apparaten, huisdieren, en kunst, antiek en verzamelvoorwerpen — inclusief gebruikte onderdelen, toebehoren en benodigdheden daarvan (belastingdienst.nl). Handelt u in andere margegoederen, dan past u de individuele methode toe.

Wilt u toch van methode wisselen, dan kan dat — maar niet van kwartaal tot kwartaal. U dient daarvoor een schriftelijk verzoek in bij uw belastingkantoor, dat binnen acht weken beslist. De nieuwe methode gaat altijd in op 1 januari van het volgende jaar, en terugkeren naar de oude methode kan pas na ten minste vijf jaar.

De factuur: deze tekst moet erop staan

Bij een verkoop onder de margeregeling mag op de factuur geen btw-bedrag apart staan — de btw zit al verwerkt in de verkoopprijs. In plaats daarvan is één van deze drie vermeldingen verplicht, afhankelijk van het goed: "bijzondere regeling – gebruikte goederen", "bijzondere regeling – kunstvoorwerpen" of "bijzondere regeling – voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten" (belastingdienst.nl). De overige verplichte factuurgegevens blijven gewoon van toepassing; een volledig overzicht staat in onze gids over factuurvereisten voor de btw.

Margeregeling in uw btw-aangifte en administratie

De btw over uw winstmarge geeft u aan in rubriek 1 "Prestaties binnenland" van de btw-aangifte: in de rechterkolom het btw-bedrag, in de linkerkolom de winstmarge exclusief btw. Hebt u in hetzelfde tijdvak ook normale omzet, dan telt u die op bij dezelfde rubriek. Hoe de rest van het aangifteformulier in elkaar zit, leggen we uit in onze complete gids btw-aangifte.

Administratief vraagt de margeregeling wat meer discipline. U houdt margegoederen gescheiden van uw overige voorraad, en daarbinnen weer gescheiden per btw-tarief — goederen met 21% apart van goederen met 9%. Bij de individuele methode registreert u in- en verkoop per artikel, zodat u op elk moment de marge van dát ene stuk kunt reconstrueren. Koopt u voor € 500 of meer bij één leverancier, dan moet die een inkoopverklaring voor u opstellen met naam, adres en omschrijving van het goed; die verklaring bewaart u bij uw inkoopadministratie.

Veelgemaakte fouten bij de margeregeling

De meest voorkomende misser is heel basaal: toch btw apart vermelden op de factuur, uit oude gewoonte of omdat de boekhoudsoftware dat standaard doet — ook bij e-boekhouden moet u de margeregeling-tekst dus actief instellen in plaats van een gewone btw-regel te laten staan. Een tweede valkuil is aannemen dat ieder tweedehands product automatisch een margegoed is: koopt u in bij een gewone btw-ondernemer die wél btw in rekening bracht en die u kon aftrekken, dan geldt de margeregeling voor dat specifieke goed niet, hoe oud het object ook is. Een derde fout is het verrekenen van een negatieve marge bij de individuele methode: dat mag alleen bij de globalisatiemethode. Ten slotte wordt de inkoopverklaring bij aankopen van € 500 of meer nogal eens overgeslagen, terwijl die bij een controle juist bewijst dat u terecht geen btw hebt afgetrokken. Ontdekt u achteraf dat u de margeregeling een paar tijdvakken verkeerd hebt toegepast, dan hoeft dat geen drama te zijn — via onze uitleg over de btw-suppletie leest u hoe u dat rechtzet bij de Belastingdienst.

Twijfelt u na dit alles nog of de margeregeling in uw situatie werkt, of wilt u weten hoe rubriek 1 zich verhoudt tot de rest van uw btw-aangifte? Start dan bij onze complete gids btw-aangifte, waar we de margeregeling samen met alle andere btw-rubrieken stap voor stap doornemen.

Veelgestelde Vragen

Wat is precies het verschil tussen de margeregeling en gewone btw-heffing?
Bij gewone btw-heffing berekent u 21% of 9% over de volledige verkoopprijs van een goed. Bij de margeregeling berekent u btw volgens de formule winstmarge x 21/121, dus uitsluitend over het verschil tussen verkoop- en inkoopprijs, en niet over de volledige omzet die u met de verkoop realiseert.
Van wie moet ik inkopen om de margeregeling te mogen toepassen?
U moet inkopen bij een particulier, bij een ondernemer die het goed uitsluitend gebruikte voor vrijgestelde prestaties, bij een KOR-ondernemer die het goed als bedrijfsmiddel had, of bij een andere wederverkoper die op zijn beurt ook al de margeregeling toepaste op dat goed.
Wat gebeurt er als ik een margegoed met verlies verkoop?
Over een negatieve winstmarge betaalt u geen btw, maar u krijgt ook niets terug van de Belastingdienst. Bij de globalisatiemethode mag u die negatieve marge wel verrekenen met een positieve marge in een later tijdvak binnen hetzelfde jaar, of anders met het volgende kalenderjaar.
Moet ik de globalisatiemethode gebruiken of mag ik ook per artikel rekenen?
Dat hangt af van het soort goed. Voor onder meer vervoermiddelen, kleding, meubelen, boeken, audio- en videoapparatuur, huishoudelijke apparaten, huisdieren, kunst en antiek schrijft de Belastingdienst de globalisatiemethode verplicht voor. Voor overige margegoederen gebruikt u in plaats daarvan de individuele methode per artikel.
Wat moet er op de factuur staan bij een verkoop onder de margeregeling?
Geen apart btw-bedrag, want dat mag bij margegoederen niet op de factuur. In plaats daarvan vermeldt u, afhankelijk van het soort goed, 'bijzondere regeling - gebruikte goederen', 'bijzondere regeling - kunstvoorwerpen' of 'bijzondere regeling - voorwerpen voor verzamelingen of antiquiteiten' op de factuur.
In welke rubriek van de btw-aangifte geef ik de margeregeling aan?
U geeft de margeregeling aan in rubriek 1 'Prestaties binnenland' van de btw-aangifte: de winstmarge exclusief btw vult u links in, en de btw die u daarover verschuldigd bent rechts. Hebt u in dezelfde periode ook gewone omzet, dan telt u die gewoon bij deze rubriek op.
Kan ik later wisselen tussen de individuele methode en de globalisatiemethode?
Ja, maar niet van kwartaal op kwartaal. U dient een schriftelijk verzoek in bij uw belastingkantoor, dat binnen acht weken beslist. De nieuwe methode gaat altijd in op 1 januari van het volgende jaar, en terugkeren naar de oude methode kan pas na ten minste vijf jaar.
Telt de margeregeling mee voor de omzetgrens van de kleineondernemersregeling?
Nee, voor de KOR-omzetgrens telt niet uw winstmarge, maar het volledige bedrag waarvoor u het margegoed hebt verkocht. Dat betekent dat u bij toepassing van de margeregeling sneller boven de KOR-drempel kunt uitkomen dan wanneer u alleen naar uw winstmarge had gekeken.

Handige online rekenmachines